JBC/Hytchers zaak: TLV gaat in hoger beroep

Op 30 juni heeft de Antwerpse ondernemingsrechtbank, afdeling Tongeren, de vordering van TLV tegen de JBC-winkelketen en het samenwerkingsplatform Hytchers als ongegrond beschouwd. TLV zal tegen deze beslissing in hoger beroep gaan.

Ter herinnering: de kern van de zaak is de bezorging van pakketten namens JBC via het Hytchers platform, dat particulieren – tegen vergoeding – de mogelijkheid biedt om pakketten af te leveren langs een route die zij met hun voertuig afleggen. Volgens Hytchers en JBC is dit een manier om de CO2-uitstoot van het vervoer te verminderen, maar volgens TLV is het een vorm van oneerlijke concurrentie met de wegvervoerders, aangezien geen van beide partijen een vervoersvergunning heeft.

De voorzitter van de rechtbank van Antwerpen – afdeling Tongeren – heeft JBC en Hytchers in het gelijk gesteld, aangezien het verzoek van TLV (de stopzetting van de levering van pakketten via Hytchers) ontvankelijk, maar ongegrond is. JBC en Hytchers zijn daarom niet verplicht om de levering van pakketten te stoppen. Beide partijen verklaarden echter in de rechtszaal dat zij deze vorm van samenwerking in ieder geval om veiligheidsredenen tijdelijk hadden stopgezet naar aanleiding van de coronaviruscrisis.

Frederik Van den Bogaerde, die als raadsmanvan Hytchers optrad, is blij met de beslissing: “Eerst had TLV nogal onbezonnen aangekondigd dat het een juridische strijd had gewonnen, maar nu de rechtbank zijn volledige vordering ongegrond heeft bevonden en hem tot de kosten van het geding heeft veroordeeld, lijkt TLV blijkt het echter bij het verkeerde eind te hebben.” Lode Verkinderen, algemeen secretaris van TLV, heeft een radicaal andere visie: “TLV kan zich niet verzoenen met het vonnis dat werd uitgesproken. Dit oordeel strookt niet met een vorige beslissing in een gelijkaardige zaak, die we wel gewonnen hebben. We hebben dan ook, in samenspraak met onze raadsman, beslist om in hoger beroep te gaan, om aldus de hogere rechter deze zaak opnieuw voor te leggen.”

De zaak is inderdaad belangrijk voor het wegvervoer. De voorzitter van de rechtbank stelt onder meer dat Hytchers als makelaar en niet als vervoerscommissionnair moet worden beschouwd en dat het platform daarom geen vergunning moet hebben. Hytchers stelt in haar algemene voorwaarden dat de ‘vervoerders’ die de leveringen uitvoeren in het bezit moeten zijn van alle benodigde vergunningen, terwijl, zoals de voorzitter van de rechtbank aangeeft, voor voertuigen met een laadvermogen van minder dan 500 kg geen transportvergunning vereist is. Bovendien is de voorzitter van de rechtbank van mening dat crowd logistics, zoals voorgesteld door Hytchers, voordelen biedt op het gebied van ecologie en mobiliteit. “Marktbescherming kan op zich geen voldoende reden zijn om dit soort duurzame initiatieven te blokkeren”, aldus de voorzitter.

lees ook

Aankomende Events

ONTVANGT U ONZE WEKELIJKSE NIEUWSBRIEF NOG NIET? MELD JE DAN NU AAN!

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
transport media logo