Professor Francesco Contino: “Morgen is er meer onzekerheid dan vandaag”

Terwijl de interne verbrandingsmotor nog niet is uitgepraat, voor zover hij door niet-fossiele brandstoffen wordt aangedreven, is de overstap naar elektrisch rijden onvermijdelijk. Voor het wegtransport is er een pioniersrol weggelegd, zowel in het koolstofvrij maken van elektriciteit als voor onze energie-onafhankelijkheid.

Francesco Contino is een autoriteit in het onderzoek naar energietransitie, “vanuit het standpunt dat we zoveel mogelijk paden moeten bewandelen richting transitie, rekening houdend met de onzekerheden en met een visie op wat er zonder omkijken gedaan moet worden, wat we moeten vermijden en waar we keuzes moeten maken.”

Beginnen met de vraag te verminderen

Truck & Business: Hoever staan we met de decarbonisatie van het wegtransport?

Francesco Contino: Nog niet bepaald ver, maar dat is vrij normaal: uit alle studies blijkt dat mobiliteit, waaronder het wegtransport, de sector is met de meeste moeilijkheden om de koolstofvrije weg in te slaan. Dit heeft te maken met de technologie en de kosten. Als je het een beetje uitzoomt, kom je tot de vaststelling dat hier ook een sociologisch aspect aan te pas komt, gelinkt aan de vraag naar transport. Ondertussen zijn we het gewend dat bij studies verschillende facetten aan bod komen. In onze simulaties wordt de vraag als databank gebruikt.

T&B: Hoe is de vraag geëvolueerd in de voorbije jaren?

F. Contino: Voor het transport wordt de technologie over het algemeen gebruikt om het verbruik van de motoren te verminderen. Ondanks deze inspanningen is het hallucinant om vast te stellen dat het energieverbruik in het transport globaal gezien niet is gedaald. Hier is er sprake van een rebound-effect: aan de ene kant wordt de efficiëntie verbeterd, maar aan het einde van de rit wordt er meer verbruikt omdat de vraag toeneemt. Maar wat is de echte reden? We mogen er gewoon van uitgaan dat de wereldwijde vraag naar allerhande producten verantwoordelijk is voor de stijging van het energieverbruik.

T&B: Een vraag die uiteindelijk op zijn eigen limieten zal botsen…

F. Contino: Dat klopt. Het zijn planetaire grenzen die niet alleen geïllustreerd worden door een ontregeling van het klimaat als gevolg van de CO2-uitstoot, maar ook door de vermindering van de biodiversiteit, de verstoring van de watercycli, enz. Deze planetaire grenzen werden onlangs nog in kaart gebracht. Wat interessant is dat er in de resultaten rekening wordt gehouden met het facet van de onzekerheid, wat het voor mij persoonlijk nog interessanter maakt.
Er wordt niet beweerd dat alles om zeep zal zijn als we bepaalde cijfers overschrijden. Er worden eerder zones afgebakend: een zone waar we niet naartoe mogen gaan, een zone van onzekerheid en een zone waar we naar moeten streven. Er zal nog veel veranderen tegen 2050, maar we zullen keuzes moeten maken, onder andere rond transport. Bij vliegtuigen en schepen is er nog redelijk veel onzekerheid, maar voor het wegtransport beginnen de grote lijnen zich af te tekenen.

T&B: En die zijn?

F. Contino: In eerste instantie moeten we de vraag naar transport in vraag stellen. We weten al dat er een probleem is om die vraag af te stemmen op de beperkingen van onze planeet. Zo moeten alle niveaus nadenken over de gewoonte van voorraden die permanent onderweg zijn. Dit is de ‘lean’-oplossing. Qua logistiek is dit de meest efficiënte benadering, maar niet meteen de meest elegante ten opzichte van de transportnoden.

En als we het dan toch over elegantie hebben…

T&B: Wat verstaat u onder elegantie?

F. Contino: Als ik het over elegantie heb, bedoel ik dat het belangrijk is om een harmonie te vinden tussen wat we echt nodig hebben en wat we doen. Dit is eerder een filosofische denkoefening: wat hebben we als consument echt nodig? Dit wordt dan snel in verband gebracht met een sobere aanpak, maar ik ben niet zo’n grote voorstander van dit begrip omdat het ons een ongemakkelijk gevoel geeft. Daarom heb ik het liever over elegantie, want het is enorm verrijkend en positief om te bepalen wat we echt nodig hebben, zonder toe te geven aan impulsen.

T&B: En als de behoeftes vastliggen, komt het erop neer het juiste transportmiddel te vinden…

F. Contino: Of transportmiddelen… Om de efficiëntie te verhogen, moeten we grondig nadenken. Het meest voor de hand liggende proces in transport is de modal shift, waarmee we vrachtwagens van de weg kunnen halen. Dat is niet zo evident omdat die keuze gepaard gaat met meer infrastructuur en meer investeringen. Daarbij hoeft het niet noodzakelijk over bijkomende investeringen te gaan. Mochten er minder vrachtwagens op de weg zijn dankzij een modal shift, is er minder geld nodig voor het onderhoud van de wegen. En dat geld kan gebruikt worden om te investeren in waterwegen, spoorwegen, enz.

T&B: Nu we het toch over het wegtransport hebben. Wat is de toekomst van de verbrandingsmotor?

F. Contino: Qua energiedichtheid zijn vloeibare brandstoffen, benzine of diesel onklopbaar. Morgen wordt dit misschien ethanol of een synthetische brandstof, al dan niet met een biologische oorsprong. Voor het zwaar vervoer wordt er nog getwijfeld tussen elektrificatie, waterstof, e-fuels of synthetische brandstoffen in combinatie met de huidige motoren. In al die gevallen moet de energie van een hernieuwbare bron komen, wat dan weer vragen oproept over de kostprijs. Het is niet zozeer de verbrandingsmotor, maar de fossiele brandstoffen die geen toekomst meer hebben.

T&B: Maar elektriciteit is nog lang niet beschikbaar via koolstofvrije bronnen.

F. Contino: Dat is waar. We zullen zwaar moeten investeren om onze elektriciteit koolstofvrij te maken. Voor de transportondernemers betekent dit investeren in zonnepanelen of windmolens om zelf koolstofvrije elektriciteit te produceren. Ik zeg niet dat de transporteur dit moet doen, maar hij heeft er wel alle belang bij. Wie zijn eigen elektriciteit kan opwekken, beschikt over een dubbel voordeel: hernieuwbare elektriciteit kan je direct gebruiken en je behoudt controle over de kosten. De gebeurtenissen van de voorbije jaren stonden synoniem met een forse opstoot van de energieprijzen, waardoor er veel onzekerheid ontstond. Door zelf in elektriciteit te investeren, verlaag je de kosten en neem je een pak meer onzekerheid weg. Dit gaat vanzelfsprekend gepaard met een bepaalde kost, maar mijn boodschap voor de ondernemers is de volgende: als je het kan veroorloven, doe dan die investering, want morgen zal er meer onzekerheid zijn dan vandaag.

T&B: De energie-onafhankelijkheid is toch een zware last om te dragen voor de transporteurs.

F. Contino: En toch zou de transitie naar elektriciteit voor vrachtwagens veel sneller kunnen gaan dan voor personenwagens. We hebben namelijk te maken met een professionele en gestructureerde sector waarmee overleg kan worden gepleegd over begeleidende maatregelen. Het zou onrechtvaardig zijn om de bal volledig in het kamp van de sector te leggen. Ook de overheid en zelfs de maatschappij moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Behoeftes, transport, … iedereen heeft zijn rol te spelen om de dingen te veranderen. We kunnen ambitie tonen als we ambitie willen tonen, en zeker in de sector van het wegtransport.

Een transporteur heeft er alle belang bij om zijn eigen koolstofvrije elektriciteit te produceren.

Wie is Francesco Contino?

Professor aan de universiteit van Louvain-la-Neuve. De veertigjarige Francesco Contino geeft les over energie gerelateerde vakken en in het bijzonder over thermodynamica, met name de fysisch-chemische benadering van energie. Hij is dokter in de Ingenieurswetenschappen en heeft een thesis gemaakt over de nieuwe generatie biobrandstoffen. Hij focust zich op de opslag van energie in synthetische brandstoffen, e-fuels, warmte, metalen, enz.

lees ook

Aankomende Events

ONTVANGT U ONZE WEKELIJKSE NIEUWSBRIEF NOG NIET? MELD JE DAN NU AAN!

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
transport media logo