De Europese Raad heeft vanochtend overeenstemming bereikt over een duidelijk standpunt met betrekking tot de ontwikkeling van de regels inzake maten en gewichten van vrachtwagens. De extra toegestane massa voor emissievrije vrachtwagens maakt daar deel van uit, evenals de toestemming om ecokombi’s tussen lidstaten te laten rijden.
Deze overeenkomst tussen de lidstaten is het resultaat van het uitstekende werk dat sinds 1 juli door het Deense voorzitterschap van de Europese Unie is verricht en maakt een einde aan twee jaar van getreuzel. Het standpunt van de Raad houdt in de eerste plaats een verhoging in van het toegestane maximumgewicht voor elektrische en waterstofaangedreven vrachtwagencombinaties van twee naar vier ton, maar alleen wanneer de trekker drie assen heeft. De maximale lengte van deze wegcombinaties kan ook met 90 centimeter worden vergroot. “Dit is een grote stap voorwaarts om emissievrij wegvervoer te bevorderen en een krachtig signaal af te geven aan vrachtwagenfabrikanten die willen investeren in schone vrachtwagens”, reageerde Transport & Environment al. Wat de constructeurs betreft, betreurt de ACEA daarentegen dat 4×2-trekkers met nuluitstoot niet profiteren van een extra maximaal toegestaan gewicht.
Anderzijds is de Raad van mening dat ecocombi’s moeten worden toegestaan tussen twee lidstaten die het gebruik ervan op hun nationale grondgebied toestaan. Ten slotte staat het standpunt van de Raad toe dat motorvoertuigen of voertuigcombinaties met nuluitstoot die deelnemen aan intermodaal vervoer de grenzen overschrijden, zelfs als ze het in de richtlijn vastgestelde maximumgewicht overschrijden en het gewicht aan beide zijden van de grens niet hoger is dan het toegestane gewicht.
Dit is dus het standpunt dat de Raad zal verdedigen tegenover de Commissie (die bepaalde voorbehouden maakt) en tegenover het Parlement in het kader van de trialoog die eindelijk van start kan gaan.



