Hoe doet Volkswagen Commercial Vehicles het vandaag? En wat zijn de verwachtingen voor 2026 en daarna. PR-verantwoordelijke Jean-Marc Ponteville van de groep D’Ieteren geeft tekst en uitleg tijdens ‘VAN Café’, de podcast van Transportmedia en Febiac op Brussels Motor Show.
Jean-Marc, laten we even terugblikken op het jaar 2025, dat gekenmerkt werd door een lichte daling van het marktaandeel van Volkswagen Commercial Vehicles, vooral in de middelgrote en lichte segmenten. De Crafter hield goed stand, maar de Caddy en de Transporter kenden een lichte terugval. Hoe verklaart u dat?
Jean-Marc Ponteville: “Dat is een verwachte en vrij logische terugval in verhouding tot de totale markt. Er is een kleine stap terug, maar op langere termijn verwachten we een grote stabiliteit van de markt voor bedrijfsvoertuigen. Dat heeft te maken met de komst van nieuwigheden en lanceringen bij de concurrentie. Op een bepaald moment schommelt de markt licht, maar wij verwachten geen grote bewegingen, noch naar boven noch naar beneden. 2025 is bovendien het eerste volledige jaar van de nieuwe Transporter. De verschillende versies zijn geleidelijk op de markt gekomen en het duurt altijd even vooraleer je over een volledig gamma beschikt. Er is dus een lichte vertraging tussen de introductie van de modellen en de verkoop.”
Laten we eens inzoomen op de verkoop van elektrische lichte bedrijfsvoertuigen. Welk aandeel nemen die vandaag in binnen de verkoop van Volkswagen Commercial Vehicles?
“Dat blijft voorlopig marginaal. We spreken over enkele procenten, voornamelijk dankzij de ID. Buzz, die zonder twijfel de meest sympathieke elektrische van op de markt is, maar het blijft relatief beperkt. Er moeten een aantal voorwaarden vervuld zijn om dat echt te laten doorbreken. Diesel blijft zeer dominant; het merendeel van onze verkoop draait nog altijd rond diesel. Benzine vertegenwoordigt ongeveer 12%, vooral in de lichtere segmenten. We weten heel duidelijk dat elektrisch de toekomst is, maar we stellen ook vast dat de transitie tijd zal vergen.”
Hangt dat ook af van het type klant? Ik kan me voorstellen dat grote vloten makkelijker te overtuigen zijn dan kmo’s of zelfstandigen.
“Ja, absoluut. Het elektrische voertuig is niet alleen een kwestie van technologie, maar ook van imago en naleving van ESG-regelgeving. Grote bedrijven zijn daar erg gevoelig voor en zetten sneller de stap, net zoals dat al het geval is bij personenwagens. Een elektrisch voertuig vervoert niet alleen goederen, maar ook een boodschap: een boodschap van toekomstgerichtheid en milieubewustzijn. Dat werkt goed. Sommige beroepen hebben bovendien een beperkt actieradius: elektriciens, depannagediensten bijvoorbeeld. Hun activiteit is perfect combineerbaar met elektrisch rijden.”
“Daar staat tegenover dat het elektrische voertuig duurder blijft en dat de stimuli nog onvoldoende zijn. We hebben eind vorig jaar zelfs een fiscaal voordeel verloren door de afschaffing van een aftrekbaarheid. Neem het voorbeeld van een elektricien die in Brussel werkt. Heeft die vandaag nog een reden om een voertuig met verbrandingsmotor te kopen, wetende dat hij in 2030 Brussel niet meer binnen mag met dat type aandrijving? In zo’n geval is een elektrisch voertuig perfect aangewezen. De toegang tot lage-emissiezones wordt steeds beperkter voor thermische voertuigen en dan krijgt elektrisch echt betekenis. Voor bepaalde beroepen is er een duidelijke meerwaarde, en oplossingen zoals de ID. Buzz zijn daar perfect op afgestemd.”
Maar komt die boodschap bij deze klanten ook echt over, wat betreft het verbod op verbrandingsmotoren in Brussel vanaf 2030?
“Dat is een echt probleem in België: de verwarring die ontstaat door opeenvolgende wijzigingen in de regelgeving. De percepties verschillen en het kader is onvoldoende duidelijk. In grote lijnen zien we dat bedrijven elektrisch kopen, particulieren benzine, en dat bedrijfsvoertuigen grotendeels diesel blijven. Maar de onzekerheid op lange termijn is echt problematisch, en dat horen we hier op de stand elke dag.”
Volkswagen Commercial Vehicles beschikt op dit autosalon over een aparte stand, duidelijk gescheiden van de andere merken van de groep. Hoe hebben jullie deze selectie van voertuigen samengesteld?
“De stand is samengesteld op basis van de meest gevraagde en best verkochte modellen, aangevuld met af en toe een nieuwkomer die op de markt komt. Dat is een complexe oefening met zo’n uitgebreid gamma, van Caddy tot Crafter, met uiteraard ook de Transporter en de pick-up. We tonen ook het California-gamma, dat nog altijd goed is voor ongeveer 250 verkopen per jaar, al is dat cijfer licht gedaald. Het gaat om een vrijetijdsvoertuig dat gebaseerd is op een LCV, wat zijn aanwezigheid volledig verantwoordt. De stand is dus vrij groot om zoveel mogelijk voertuigen aan het publiek te kunnen tonen, inclusief specifieke versies zoals een Crafter pick-up.”
Als we vooruitblikken naar 2026-2027, welke nieuwigheden mogen we dan verwachten bij Volkswagen Commercial Vehicles?
“Er staan heel wat ontwikkelingen op stapel. In 2027 zouden we een nieuwe Crafter mogen verwachten. In de andere segmenten gaat het vooral om technische evoluties. Batterijen worden voortdurend beter. Volkswagen werkt ook aan een groot elektrisch platform dat specifiek ontwikkeld is voor bedrijfsvoertuigen, om meer flexibiliteit te bieden en verschillende voertuigen op één basis te kunnen bouwen. Er is ook een specifieke vraag naar vierwielaangedreven versies, 4×4’s, voor gespecialiseerde toepassingen. We bouwen onze expertise op dat vlak dus verder uit.”
“In België gaan we vooral de expertisecentra via de Van Centers versterken. Vandaag zijn er 37, gespecialiseerd in bedrijfsvoertuigen, met diensten die voortdurend evolueren om professionals echte ondersteuning te bieden. Een interessante anekdote: de automatische versnellingsbak wordt stilaan de norm, met bijna 80 % van de recent verkochte voertuigen die met dit type transmissie zijn uitgerust.”
U had het over een nieuw platform. Gaat het om een zogenaamd software defined platform, opgebouwd rond software?
“Ja, precies. Het principe is hetzelfde als bij personenwagens. Het gaat om een flexibel, volledig verbonden platform, aanpasbaar qua voertuigformaat en batterijcapaciteit. Het zal schaalvoordelen opleveren en een sterkere onderhandelingspositie tegenover leveranciers mogelijk maken, om competitieve prijzen te behouden. Het is een ontwikkeling die volledig door Volkswagen zelf wordt gedragen.”
Zal dit platform al gebruikt worden voor de toekomstige Crafter?
“Het is nog te vroeg om dat te bevestigen, maar dit platform zal in elk geval voor meerdere modellen binnen het gamma worden ingezet. Vanaf 2027 mogen we dus heel wat nieuwigheden verwachten, terwijl het nieuws vandaag al rijkelijk aanwezig is met de lancering van de nieuwe Transporter. De verschillende aandrijflijnen, inclusief de plug-inhybride, de ombouw en de inrichting blijven een belangrijke rol spelen. Ongeveer 80% van de voertuigen die bij D’Ieteren vertrekken, wordt in ons interne centrum omgebouwd, en dat aandeel zal nog toenemen. Scheidingswanden, houten vloeren en dubbele cabines blijven zeer gevraagd.”
“Tot slot hopen we dat de drie essentiële pijlers voor de ontwikkeling van elektrische mobiliteit in het bedrijfsvoertuigsegment samenkomen: een voldoende aanbod aan modellen, een aangepaste infrastructuur en een stimulerende fiscaliteit. Voor bedrijfswagens werkt dat uitstekend, maar het bedrijfsvoertuig wacht nog op een duidelijkere ondersteuning. België beschikt nochtans over een intelligente en interessante fiscaliteit. Wanneer die drie elementen samenkomen, werkt het systeem, tot het punt dat ons land soms als voorbeeld wordt aangehaald in Europa.”



