De sociale partners kwamen gisteravond bijeen in het kabinet van Jean-Luc Crucke, de federale minister van Mobiliteit. Op de agenda stond het netelige onderwerp van de brandstofprijzencrisis, maar hoewel de minister aandachtig luisterde naar de verzoeken van de verschillende belanghebbenden, liet hij geen enkele mogelijkheid open om de vervoerders tegemoet te komen.
Als federaal minister van Mobiliteit heeft Jean-Luc Crucke niet veel middelen om de Belgische transportbedrijven te helpen. Hij kan hoogstens de verzoeken doorgeven aan zijn collega’s in de federale regering. Er zouden twee soorten maatregelen kunnen worden genomen: op middellange of lange termijn is er de vrijstelling van de RSZ-bijdragen en de voorheffing op de beschikbaarheids- en wachttijden, alsook op de nachtpremies van het personeel van transport- en logistieke bedrijven, maar op korte termijn kan de federale regering alleen ingrijpen op het vlak van de accijnzen.
“Minister Crucke heeft kennis genomen van onze verzoeken en heeft ons over twee weken een afspraak gegeven, maar hij heeft ons duidelijk laten weten dat de federale begroting is wat ze is”, zegt Michael Reul namens de UPTR. “De enige mogelijkheid die overwogen zou kunnen worden, is een verlaging van de accijnzen op diesel, maar dat zou niet noodzakelijkerwijs positief zijn voor de vervoerders: momenteel bedragen de accijnzen 600 euro per 1000 liter. Als de regering dit bedrag verlaagt tot het Europese minimum van 330 euro per 1000 liter, blijft er in theorie 27 cent over voor de vervoerders. Ze krijgen echter 19 cent terug in het kader van de professionele dieselregeling. De ‘winst’ zou dus slechts 8 cent exclusief btw per liter bedragen. Gezien de razendsnelle stijging van de prijs aan de pomp zal dit het huidige probleem niet oplossen, temeer daar de klanten allemaal zullen denken dat de maatregel de kostprijs heeft doen dalen.”
De UPTR legt haar eisenpakket aan de federale regering dus opnieuw op tafel (zie hierboven). Wat de besprekingen met de regionale regeringen betreft, deze zijn nog steeds aan de gang om, aan Waalse kant, te bereiken dat de tarieven van de kilometerheffing niet worden verhoogd op 1 juli en, aan Vlaamse kant, dat de invoering van de CO2-component wordt uitgesteld tot na diezelfde datum van 1 juli 2026.

