Logistieke bedrijven vinden nog amper medewerkers. Het verklaart mee waarom automatisering steeds meer ingang vindt in magazijnen. Maar maakt het werken met AVG’s en andere robots het werk in warehouses boeiender? Of komt de motivatie dan juist in het gedrang? Twee logistieke experts geven hun mening.
(Foto: Exotec)
Ja – Alex Van Breedam, TRI-VIZOR

Alex Van Breedam
“Jawel, het werk van werknemers die robots en automatisering moeten aansturen, zal voor een groot stuk boeiender worden. Want we weten hoe lastig het is om mensen die zeer repetitieve magazijntaken doen, gemotiveerd te houden. Automatisering kan dat oplossen. Repetitief werk is sterk automatiseerbaar. Als mens zal je, dankzij de automatisering, dus vooral meer ‘uitzonderlijk’ werk doen: taken die zelden voorkomen en niet geautomatiseerd kunnen worden. Humanoïde robots, zoals die van Boston Dynamics, zijn technisch gezien misschien mogelijk, maar waarschijnlijk niet altijd de meest efficiënte oplossing. Specifieke taken of taken die maar af en toe of één keer per dag moeten gebeuren, ga je niet door een robot laten uitvoeren. Dat blijft mensenwerk.”
“Daarnaast wordt het in een geautomatiseerd magazijn een belangrijke opdracht om een team samen te stellen en aan te sturen dat zowel uit mensen als uit machines bestaat. Het is daarbij belangrijk dat medewerkers mee betrokken worden in de configuratie en in de aansturing van de robots en cobots waar ze mee moeten samenwerken. Dat geeft hen meer ownership en maakt de mens-machine samenwerking efficiënter.
“Of medewerkers van een magazijn met enkel mensen gemakkelijk kunnen overstappen naar een logistieke omgeving met mensen én robots of AGV’s? Het is onvermijdelijk, maar zoals vaak ondervindt vooral de generatie die de overgang meemaakt de meeste weerstand. Als je in een magazijn begint te werken waar er al robots zijn, voelt dat normaal aan. Kende je een andere situatie, dan is die overgang moeilijker.”
Neen – Thomas De Lombaert, UHasselt

Thomas De Lombaert
“Wanneer AGV’s hun intrede doen op de werkvloer, zie ik telkens twee soorten impact: een fysieke en psychosociale. Fysiek lijkt automatisering op het eerste gezicht een zegen. Robots nemen repetitieve en belastende taken over, maar in de praktijk duiken onverwachte neveneffecten op. Werknemers krijgen soms net méér belasting te verwerken. Reachtruckchauffeurs ontwikkelen bijvoorbeeld nekklachten doordat ze frequenter in de hoogte moeten kijken, orderpickers worden sneller moe door intensiever tillen en bukken. Wat ergonomisch bedoeld was, kan zo op termijn tot klachten en uitval leiden.”
“Daarnaast is er de psychosociale impact. Uit de recente studie van PhD kandidaat Jarne Bosch, dat ik mee begeleid, blijkt dat werknemers qua acceptatie van robots grofweg in drie groepen vallen: enthousiaste voorstanders, uitgesproken sceptici en een grote middengroep zonder duidelijke mening. Net die laatste groep is cruciaal. Als taakvariatie verdwijnt en jobs eentoniger worden, daalt de motivatie. Daarom pleit ik ervoor om werknemers autonomie te geven: laat hen meebeslissen hoe en met welke robots ze werken, en behoud een menselijke werkomgeving waarin robots ondersteunen, niet domineren.”
“Kijk dus uit met een top-down aanpak. Technisch leren mensen meestal snel met AGV’s werken, maar als robots zonder draagvlak worden ingevoerd, verdwijnt het vertrouwen en zo ook de beoogde productiviteitswinst snel. Automatisering is geen wondermiddel. Ze werkt alleen als technologie, ergonomie en menselijk engagement samen worden bekeken.”


